Care Inn

Column Roland Smulders: Terugzwaaien


Columnist Roland Smulders neemt u mee, een kijkje in zijn Oisterwijk:

Roland Smulders (Foto: Iris de Groot).

 

Het zijn niet alleen de grote steden en ProRail die last hebben van een stroomnet dat ermee kapt. In mijn woonplaats Oisterwijk hadden we er de laatste tijd ook regelmatig mee te maken. Meestal net op het moment dat er iets op televisie is wat ik wel wilde zien. Belabberde programma’s zijn op zichzelf al erg, maar helemaal als ik ook nog niet mag weten hoe ze aflopen. Natuurlijk is het klein leed, maar terwijl ik op deze column zit te broeden, heeft mijn wereld zich in de heksenketel van carnaval gestort en dan valt er verder weinig te melden. Volgende keer beter.

Het is me opgevallen dat ik een weifelende volger heb. Facebook is nog wel zo vriendelijk zulke dingen voor mij bij te houden. De ene week vindt hij of zij mijn columns leuk, dan weer niet. Het kan ook zijn dat Facebook zelf maar wat cijfers verzint om mij en andere scheppende geesten tevreden te houden. Ze zwaaien net buiten bereik heen en weer als een verlokkelijke wortel en het is de bedoeling dat ik nog wat meer mijn best doen. Dat probeer ik ook, maar dan moet niet steeds de elektriciteit er de brui aan geven. Ik heb belangrijkere dingen te doen dan op zoek te gaan naar kaarsen en theelichtjes.

Carnaval was nog nooit mijn favoriete tijd van het jaar. Ik drink niet en dan valt het allemaal toch tegen. Soms ga ik mee naar de optocht kijken. Het ligt aan het weer. Ik sta daar dan zonder carnavalskleding langs de kant van de weg mijn principes te verdedigen en doe net alsof ik de passerende wagens en loopgroepen toejuich. Dat laatste werkt beter, heb ik in de loop der jaren gemerkt. De anderen vinden me nog steeds een buitenbeentje, maar in elk geval een buitenbeentje dat zijn best doet.

Van het hele feest heb ik nooit echt de essentie begrepen. Je hebt er kroegen voor nodig en muziek om op rond te springen. Soms wordt er overspel gepropageerd door twee mensen die elkaar nauwelijks kennen op een lollige manier in de onecht te verbinden. Verder heb je een prins die met zijn of haar gevolg in een bus langs al die hotspots gaat om te zwaaien en wat consumptiebonnen uit te delen. Na vijf dagen worden er nog haringen gegeten en dan is het weer een jaar voorbij.

De stroomstoringen vonden telkens plaats in een stukje Oisterwijk waar zich ook bedrijfsruimtes bevinden. Misschien – het is natuurlijk niet meer dan een gedachte – wordt ergens gebruik gemaakt van ondeugdelijke groeilampen en heeft de uitbater de installatie zelf aangelegd. Door de bank genomen werkt het, maar soms ook niet en dat merken anderen dan door de invallende duisternis. Zolang het niet uitgerekend tijdens de carnavalsdagen is, kunnen de meeste Oisterwijkers ermee leven.

Wat ook kan, is dat de stroomstoringen werden veroorzaakt door enthousiastelingen die bezig waren hun carnavalswagen voor de optocht in elkaar te lassen. Het toch al overvraagde stroomnet is niet berekend op inwoners die massaal aan het klussen slaan. En toch moet het, want met schroeven en moeren alleen krijg je zo’n gevaarte onmogelijk stabiel genoeg voor de openbare weg. Zeker niet als er ook nog een meute drinkende feestvoerders op vervoerd worden. Ze zwaaien opgetogen als ze voorbij mijn huis rijden en ik oefen voor volgend jaar alvast op het onderdeel terugzwaaien.

 

Roland Smulders