Volgens de Raad voor het Openbaar Bestuur, onafhankelijk adviesorgaan van regering en parlement, hebben gemeenteraadsfracties inhoudelijke ondersteuning nodig om op verantwoorde wijze tot besluiten te komen. De Oisterwijkse raadsfracties vinden dat zij het zelf wel kunnen.
Door PIT Onderzoek – Wouter Verschuur en Anno de Vreeze
In 2020 bracht Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) advies uit aan de minister van Binnenlandse Zaken over versterking van de lokale democratie. De problematiek waarover decentrale overheden moeten beslissen werd steeds complexer. De ROB constateert, dat van de wettelijke mogelijkheid tot fractieondersteuning onvoldoende gebruik wordt gemaakt. De ROB vindt het noodzakelijk dat raadsfracties inhoudelijk en beleidsmatig ondersteund worden. Volksvertegenwoordigers zijn immers geen specialisten; zij moeten kennis en expertise van buiten kunnen aantrekken.
In Oisterwijk

De gemeente Oisterwijk kende een bescheiden regeling voor fractieondersteuning. De binnenkort aftredende gemeenteraad heeft deze regeling afgeschaft. Op 29 januari jl. besloot dezelfde gemeenteraad de regeling opnieuw in te voeren: 1.950 Euro per raadsfractie per jaar (dat is 0,06 Euro per inwoner), vermeerderd met 170 Euro per raadszetel, ingaande bij het aantreden van de nieuwe gemeenteraad. Dit bedrag ligt in lijn met de regelingen van vergelijkbare gemeenten. Ter vergelijking: De maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding bedraagt 2.200 Euro per jaar. De ROB is van oordeel, dat voor een dergelijk bedrag zinvolle ondersteuning van fracties niet mogelijk is. Grote gemeenten zijn royaler. Zo stelt de gemeente Tilburg een bedrag van 30.000 Euro per fractie beschikbaar (0,13 Euro per inwoner), aangevuld met 1.250 Euro per raadszetel.
De raad
Met de verkiezingen en de vorming van een nieuwe gemeenteraad in zicht, heeft PIT Onderzoek de fracties in de huidige gemeenteraad gevraagd naar hun behoefte aan fractieondersteuning. Ook na een herhaald verzoek hebben de fracties van VVD en AB niet gereageerd. De reacties van PGB, PRO, CDA en D66 leveren de volgende antwoorden op:
– tot nu toe hebben wij ons prima gered;
– met de verwachte samenstelling van de nieuwe fractie beschikken wij over voldoende capaciteit om ons werk te doen;
– hulp op het gebied van sociale media en AI-toepassingen zou welkom zijn;
– wij kunnen terugvallen op het netwerk in onze partij, maar soms hebben wij behoefte aan specialistische inbreng;
– wij vinden betaalde, professionele administratieve ondersteuning noodzakelijk om het raadswerk goed en verantwoord te kunnen doen; de opnieuw ingevoerde regeling is volstrekt onvoldoende.
Concreet?
De grootste gemene deler van de antwoorden komt erop neer, dat de raadsfracties zich in staat achten om zelf, zonder noemenswaardige ondersteuning, hun taken uit te voeren: vaststellen van het gemeentelijke beleid, vaststellen van de kaders waarbinnen het college dat beleid mag uitvoeren, controleren van het college, houden van voeling met organisaties en partijen in de samenleving. Impliciet houdt dit in, dat de fracties zich capabel achten om zelf de informatie en inzichten te verzamelen die nodig zijn om tot onderbouwde oordelen te komen. Eén fractie week af van het gemiddelde antwoord en was van mening dat professionele ondersteuning noodzakelijk is. Het ging hen daarbij om administratieve ondersteuning.
Waarom niet?
De ROB vindt het noodzakelijk dat gemeenteraadsfracties over eigen inhoudelijke ondersteuning beschikken; de Oisterwijkse gemeenteraadsfracties vinden dat niet nodig.
De ROB constateert dat “handelingsverlegenheid om te investeren in zichzelf” een rol speelt bij de beslissing van gemeenteraden, af te zien van substantiële regelingen voor fractieondersteuning. Deze gemeenteraden willen niet het verwijt krijgen, het zichzelf gemakkelijk te maken ten koste van andere belangrijke uitgaven van de gemeente. De ROB is van oordeel, dat deze houding niet in het belang is van een sterke lokale democratie.









