anytime

Column Roland Smulders: Geen blad voor de mond


Columnist Roland Smulders neemt u mee, een kijkje in zijn Oisterwijk:

 

Schrijver en columnist Roland Smulders (Foto: Iris de Groot)

 

Soms spreekt iemand mij op straat aan. Meestal om even te zeggen dat hij of zij het knap vindt dat ik steeds van die leuke columns schrijf. Het is een compliment waarmee ik mij doorgaans geen raad weet en dat ik wat onbeholpen afwimpel. Ik doe mijn best er wat van te maken. En zo bijzonder is het allemaal ook weer niet. Iedereen krijgt het voor elkaar een paar woorden achter elkaar te zetten. Dat was de laatste keer, zie ik de ander dan denken en ik geef hem of haar overschot van gelijk. Lof is aan mij niet besteed. Ik ben toch zo’n beetje het zwijn dat je niet te veel parels moet toewerpen.

Mijn reactie is vaak de dood in de pot, maar heel soms vindt het gesprek tegen de verdrukking in een weg om verder te gaan. Er passeerde onlangs net op het beslissende moment een luid krijsende politiewagen en dat ontlokte de man die van de fiets was gestapt om mij aan te spreken met een zucht de opmerking dat het wel weer om het asielzoekerscentrum zou gaan. Daar is het namelijk niet pluis volgens de berichten die steeds opnieuw de Oisterwijkse gemoederen in beweging brengen.

Omdat ik geen ruzie wil maken met iemand die zojuist uit de kast is gekomen als liefhebber van de betere column met stijl, probeer ik het met de verdediging dat de agenten misschien weer op weg zijn naar een kind dat gered moet worden. Veel bereik ik er niet mee. Wie in de voorbije jaren het lokale nieuws heeft gevolgd, kan zich niet eens meer voorstellen dat de politie ook nog andere taken heeft dan het onder de duim houden van kansloze vluchtelingen.

‘Het kan ook zijn dat Marc-Marie Huijbregts op de vuist is gegaan met Ronald Molendijk’, gooi ik wat humor in de strijd. Mijn bewonderaar heeft gemist dat Marc-Marie de dj uitmaakte voor een zielige figuur die plaatjes draait op seksfeesten. Hij zit echter op de lijn van Marc-Marie dat het geen wonder is dat Ronald dan af en toe de behoefte krijgt hardwerkende cabaretiers het leven zuur te maken. Zeker nu Katja Schuurman heeft besloten zich te gedragen, vul ik in gedachten aan. Omdat ik niet zeker ben van de reactie, houd ik mijn woorden binnen. Over Katja die er nu ineens geen pap meer van lust, heb ik het wel een andere keer.

‘Die Afghanen mogen van mij best naar Oisterwijk komen’, laat mijn fan zich ontvallen. ‘Waren ze net lekker bezig hun land op te bouwen en dan draaien wij democratische landen de klok duizend jaar terug.’ Op zulke momenten ben ik trots op mijn fans. Zij nemen geen blad voor de mond, maar als puntje bij paaltje komt, staan zij pal voor wie hulp nodig heeft.

 

Roland Smulders