koopzondag

Wildbeheer Moergestel geeft uitleg over jacht in de gemeente Oisterwijk


Naar aanleiding van eerdere klachten van inwoners over de jacht op reeën in recreatieve gebieden in Oisterwijk, heeft Co Rijnen namens Wildbeheer Eenheid Moergestel e.o. (WBE) enige uitleg gegeven over zowel de redenen van beheer op reewild, als over de diverse vormen van jacht.

In reactie op een eerder artikel, was enige verwarring over de term ‘jagen’, zoals dat wordt gebruikt voor meerdere vormen van afschot van wild. Rijnen: ‘Jagen en beheren zijn twee begrippen die in de wet zijn geregeld. “Jacht” is jacht op de vijf vrijgegeven soorten en is geopend van 15 oktober tot 31 december; hier zijn geen aantallen aan verbonden. Reewild beheer is allen op nummer dat toegekend is door de provincie; bokken van 1 april tot 30 september en geiten van 1 januari tot 31 maart.’

Machtiging

Een ree in de Oisterwijkse natuur.

Volgens WBE is er al meer dan 50 jaar alleen maar beheers jacht mogelijk op reewild: ‘Elk voorjaar gaan een aantal veldkenners en tellers het veld in om de reeënstand te bekijken en te noteren. Al deze gegevens worden door de FBE (Fauna Beheer eenheden – Red.) verzameld en doorgestuurd naar de provincie ter goedkeuring. De FBE geeft dan een machtiging uit voorzien van een code en een nummer, welke na het afschot in het oor moet worden bevestigd, met een foto naar de WBE ter controle.’

Verkeer

Volgens Rijnen wordt dit gedaan om een teveel aan reeën te voorkomen, waarvan er jaarlijks ook worden aangereden door weggebruikers: ‘Reeën lopen alleen in de winter in groepjes van 5-6 reeën bij elkaar (een sprong), in april vallen de sprongen uiteen en gaan de bokken de grenzen van hun territorium afbakenen. Volwassen bokken verdrijven dan de jonge bokken, deze gaan zwerven en in die tijd ontstaan de meeste aanrijdingen. Elk jaar worden er binnen onze WBE driehoek Tilburg-Eindhoven- de Bosch door de SAMF (Stichting Afhandeling & Monitoring Fauna-aanrijdingen – Red.) ongeveer 40 a 50 aanrijdingen genoteerd.

Natuurmonumenten

Ook bijvoorbeeld Natuurmonumenten geeft aan dat beheer nodig is (lees er hier meer over). Deze organisatie hanteert sinds 1979 het ‘nee, tenzij principe. Dieren worden niet gedood, tenzij de risico’s voor de verkeersveiligheid te groot zijn, schade aan landbouwgewassen niet anders te voorkomen is en beschermde planten en dieren in het geding zijn.’ Natuurmonumenten zet in hun gebieden jagers in die hun beleid respecteren en er is altijd sprake van afgewogen maatwerk.

Niet onbelangrijk tot slot, is te melden dat de wildbeheerders zich aan regels moeten houden, die zij bij het behalen van hun rijksdiploma hebben meegekregen. Rijnen: ‘Dat een buitenstaander geen weet heeft van dit alles is niet kwalijk te nemen. Zij zien alleen dat prachtig beest daar in de natuur loopt.’ Positief te melden is volgens Rijnen, dat het leefgebied van het ree recent via ruilverkaveling De Hilver met 700 Ha. extra natuur is toegenomen.