anytime

Column Roland Smulders: Dichter bij huis


Columnist Roland Smulders neemt u mee, een kijkje in zijn Oisterwijk:

 

Schrijver en columnist Roland Smulders (Foto: Iris de Groot)

 

Een jonge plaatsgenoot van mij haalde het wereldnieuws door zich in de pretraket van supermiljardair Jeff Bezos tot jongste ruimtevaarder te laten kronen. Hoeveel ervoor is betaald blijft geheim, maar weinig zal het niet zijn. Misschien dat er daarom stemmen opgaan de prestatie op een passende wijze te belonen. Niet dat de jongen gaat denken dat het ons onverschillig laat. Hij is tenslotte geen sporter die na jaren trainen naar Japan reisde om zijn of haar lauwerkrans op te halen.

De Olympische Spelen waren amper afgetrapt door de Japanse keizer, of de waarheid liet zijn lelijke gezicht zien. De Nederlandse afvaardiging werd geplaagd door positieve testuitslagen en die bleken haast allemaal te herleiden tot Henry Schut. Hij dirigeerde vanuit de studio in Hilversum zijn met corona besmette troepen en zag dat het goed was. In het vliegtuig met zorgvuldig afgeschermde sporters doken op een onverklaarbare manier ineens verslaggevers op om ons te laten weten dat er een nerveuze sfeer hing, maar in werkelijkheid natuurlijk om later te kunnen berichten over verwoeste sporters in Japanse quarantainehotels.

Volgens mij zal het niet lang meer duren tot de eerste complotdenkers zich melden aan het venster. ‘Denk dan toch na’, roepen zij. ‘Minister Hugo de Jonge kan het toch niet hebben dat Nederland uit Japan terugkeert met een hele lading medailles en kerngezonde sporters. Dan gelooft toch niemand meer dat evenementen heel erg gevaarlijk zijn.’

Inmiddels ben ik zover afgedreven dat ik zelfs deze bizarre theorie niet meer op voorhand durf uit te sluiten. Sterker nog: in mijn verbeelding maak ik het verhaal af en kleur ik de plaatjes in. Henry is deel van een soort Siamese tweeling. Waar hij verschijnt is Hugo Borst nooit ver weg. Haal die desk maar eens weg, denk ik als Henry komt vertellen dat twee volslagen irrelevante boogschutters zilver hebben gewonnen door te verliezen van Zuid-Korea. Wedden dat Hugo op de grond zit. Woord voor woord fluistert hij Henry in op welke manier de sport het beste om zeep kan worden geholpen. Het virus slaat als een waanzinnige om zich heen, maar gelukkig valt er nog genoeg te zien. Boogschieten voor gemengde paren, op een basket mikken door drietallen. En dan moeten de Paralympics nog beginnen. Nog even en zelfs de grootste sportfanaat smeekt al dat geld volgende keer direct door de sluizen naar de oudjes van Hugo.

Dichter bij huis gaat de discussie in mijn woonplaats Oisterwijk ondertussen over de vraag of onze kersverse astronaut ereburger moet worden. Natuurlijk niet, denk ik verbijsterd. Het idee is te absurd voor woorden. De sympathieke jongen met Dagobert Duck als goed vriend zit er helemaal niet op te wachten jaarlijks het glas te moeten heffen met de burgemeester. Hij heeft al genoeg cadeau gekregen om de rest van zijn leven op te teren. Ik weet echter dat het uiteindelijk toch zal gebeuren. Nood breekt altijd wet. Wij moeten toch met iemand pronken en uit Japan zal de verlossing deze keer niet komen.

 

Roland Smulders