anytime

De dieren in het bos ontmoeten een Bever


Wekelijks schrijft en tekent Lilian over de dieren in het bos:

 

De Bever en zijn burcht (Tekening: Lilian Biervliet)

De Bever ontmoet Moris de bosmuis

De vijf vrienden hebben  nog steeds mooie herinneringen overgehouden aan  Koningsdag.

Ze waren toen op  het Lindeplein. Nu zijn er al bijna drie weken voorbij.

Moris  is nu in de buurt van de Stroom. De Stroom is een riviertje in Oisterwijk.

Door de warmte wilt hij een slokje water drinken. Hij hoort het geluid van een knagende bever.

Hee vriend, ik heet Moris. Woon je hier alleen in je uppie?

Ja, ik ben hier in de Stroom gezet, om van de rietstengels en de wortelstokken te knagen.

De schors van de bomen vind ik ook lekker. De bever geeft nog meer uitleg.

Er zal een variatie van grassoorten en allerlei kruide planten gaan groeien en er  zullen ook meer vlinders en libellen op af komen.

Maar bever, voel je je alleen ?

Ja, zegt de bever. Ik zou graag kinderen willen.

Bever, het is  een hele eer, dat jij in de Stroom mag wonen.

Als er meer bevers zijn, dan knagen jullie aan alle takken en bomen en binnen de kortste tijd zullen er geen bomen langs de Stroom meer zijn.

Je moet je niet alleen voelen, oké! In de Stroom heb je  gezelschap van familie eend, familie fuut, de karpers en de brasems.

En nu heb jij gezelschap van mij. Kom je dan ook  in het water, vraagt de bever?

Weet je, ik wil niet nat worden, zegt Moris. Ik ga anders trillen van de kou.

Bever zegt: Je mag op mijn hoofd zitten dan breng ik jou naar mijn burcht.

Oké, ik kom wel op jouw hoofd zitten. Bever, je zwemt heel snel.

Bever zegt: Moris, ik kan niet wachten om aan jou mijn burcht te laten zien.

Kijk we zijn er al. Beiden klimmen op de burcht en Moris kijkt zijn ogen uit.

Zie je Moris, mijn huisje  heb ik gemaakt van takken, stokken, modder en stenen.

Ik ben er s ‘nachts mee begonnen toen het heel rustig was.

Klim er maar bovenop, zo krijg je geen natte voeten. Wat heerlijk om even hier op te liggen.

Maar Bever, vraagt Moris, waarom heb je zo een dikke en platte staart?

De dikke platte staart is om snel en makkelijk te kunnen bewegen in het water.

Ook gebruik ik mijn staart om andere bevers te waarschuwen als er gevaar dreigt.

Ik ga dan op het water klapperen.

En waarom zijn jouw neus, ogen en mond op een gelijke hoogte?

Als ik zwem dan moet ik kunnen ademen en ook zien.

Als ik niet zie, dan kan ik tegen een boomstam of tegen iets anders botsen.

Ja, dat is logisch, zegt Moris.

Moris, loop maar even rond op mijn burcht. Oké, doe ik.

O, jouw burcht is mooi en stevig om op te lopen. Het is net een kasteel.

Je mag van het kruide plantje en blaadje eten, zegt de bever.

Heerlijk ,het kruide blaadje.

Wil je mij nu weer naar de overkant brengen?

Ja hoor, klim maar op mijn hoofd.

Bever, mag ik jou een raad geven?

Wat dan?

Als jij van de bomen knaagt, wil je er dan voor zorgen dat ze in het water vallen en niet waar de mensen lopen?

Ze zullen dan anders op hun hoofden vallen.

O, daar heb ik niet aan gedacht.

Ik ga mijn best doen en eraan denken  dat dit niet gaat gebeuren.

Oké, afgesproken.

Bever zegt aan Moris dat ze er al zijn.

Het was zo fijn om op jouw hoofd te zitten. De leuke momenten gaan snel voorbij, vindt je niet ?

Moris springt op het gras dat langs de Stroom groeit.

Het lijkt wel een droom zegt Moris aan de bever. Het was een leuk uitje.

Een volgende keer kom ik weer langs, bever.

Ja, dat is prima. Dan zorg ik dat ik andere kruide plantjes op mijn burcht heb.

Tot ziens Moris,

Tot ziens bever.

Tot de volgende keer!

 

Klik en lees hier meer over Lilian en ‘De dieren in het bos’