brabantspronkjuweel

De dieren in het bos ontdekken de lente


Wekelijks schrijft en tekent Lilian over de dieren in het bos:

Een ontdekking in de lente

Het is lente in het dierenbos (Tekening: Lilian Biervliet)

Hier hebben de vijf vrienden zich op verheugd. Het is wat langer licht en de zon laat zich meer zien.

Veel vogels bouwen hun nestje en broeden. Broeden betekend, dat de vogeltjes op hun eitjes gaan zitten.

Door hun warmte die ze geven aan hun eitjes, worden er kleine vogeltjes geboren.

Ook worden er veel jonge dieren geboren, zoals kalfjes, kuikentjes, lammetjes, biggetjes, veulens, rupsjes en kikkervisjes.

De hele natuur krijgt weer een nieuwe kleur.

Picasjik en Kukkuk genieten van de knoppen  en bloesems van de bomen en Moris  speelt graag in de struiken die uitlopen.

Kwak neemt Piertje mee op zijn rug om naar de krokussen en hyacinten te kijken die lekker ruiken.

Picasjik zegt dat de bloeimaand, zijn lievelingsmaand is.

Kom, laten wij naar de fruitboomkwekerij gaan, zegt Kukkuk. Daar kunnen we kijken of we een rijpe appel of peer kunnen proeven.

Ze zijn nu bij een fruitboom. Er zijn nog geen vruchten maar wel bloesems.

Picasjik vraagt aan Kukkuk: als jij een appelbloesem zou zijn, wat zou je vandaag wensen?

Ik zou eerst aan de zon vragen dat hij zijn stralen zes uur lang op mij laat schijnen.

Dan zou ik helemaal open gaan en een aantrekkelijke geur geven.

Door mijn geur, en zoetigheid komen de wespen, bijen en hommels, om de nectar en stuifmeel uit mijn bloem te halen.

Nectar is zoete vloeistof, die in de bloemen zit. Stuifmeel zijn stofjes die aan de bloem zitten.

In de perenboom zien de twee vriendjes een rups. Ze  vliegen er naar toe en eten hem lekker op.

Hij was toch zo lekker dat ze besluiten  vaker naar de perenboom te gaan.

Klik en lees hier meer over Lilian en ‘De dieren in het bos’