bosch car service

Column Roland Smulders: Een modern blauw jasje


Columnist Roland Smulders neemt u mee, een kijkje in zijn Oisterwijk:

 

Schrijver en columnist Roland Smulders (Foto: Iris de Groot)

 

Een modern blauw jasje

 

Zelfs ik leer nog elke dag bij over mijn woonplaats Oisterwijk. Dat er zoiets bestaat als carnavalsclub ‘Orde van de Blauwe Jas’ bijvoorbeeld. Ik had daar echt geen idee van. Carnaval in de praktijk is niet zo mijn ding. Het zal wel zwaar op de maag vallen van de leden die zo hun best hebben gedaan om voor mij het Oisterwijkse volkslied op te nemen. Dat is trouwens nog zoiets wat ik tot nu toe uit de weg wist te gaan. Zodra ergens papiertjes met een mee te zingen tekst worden uitgedeeld, blaas ik tactisch de aftocht. Oisterwijk wordt er vast niet mooier van als ik ga staan te zingen met de hand op mijn voor de vennen en de dorpspomp kloppende hart.

Van het Oisterwijkse volkslied heb ik lang gedacht dat daarmee het vrolijke deuntje werd bedoeld met de tekst: ‘Oisterwijk, o Oisterwijk, je bent maar ene pisbak rijk.’ Pas later hoorde ik dat ik mij vergiste. Ik kon mij al zo moeilijk voorstellen dat zoveel notabelen dan bereid zouden zijn zich er de stembanden aan te branden.

Waarschijnlijk zijn er Oisterwijkers die nu verbaasd opkijken. Hebben zij jarenlang onder de douche het verkeerde volkslied gescandeerd? Ja, ik kan het ook niet helpen. Ook jullie moeten naar de bijscholingscursus. Onwetend kun je weliswaar niet zondigen, maar je kunt jezelf wel behoorlijk voor joker zetten. Een beetje zoals de Walen die nog steeds denken dat de Belgische hymne begint met: ‘Allons enfants de la patrie.’

Het lijkt op het eerste gezicht een zaak van weinig belang, maar schijn kan bedriegen. Oisterwijk is een gemeente waar zo nu en dan belangrijke personen een tussenstop maken. Vorsten en prinsen komen er koffie drinken en die rekenen op een passende begroeting. Naast het nationale volkslied hoort dan ook de lokale versie opgevoerd te worden. Het zou wel heel gênant zijn als ik dan uit volle borst sta te zingen over een inmiddels afgevoerde publieke voorziening.

Gelukkig maar dat de ‘Orde van de Blauwe Jassen’ de taak op zich heeft genomen mij en de andere dwalende Oisterwijkers terug te leiden naar de rechte weg. Niet alleen door het echte volkslied op te nemen, maar vooral door de tekst op leuke wandtegeltjes te zetten en die onder de bevolking te verspreiden. Op die manier kunnen wij elke avond voor het naar bed gaan nog even oefenen en komt het uiteindelijk ook met ons helemaal goed.

Alleen de vanzelfsprekendheid waarmee de broeders van de ‘Orde van de Blauwe Jassen’ hebben gekozen voor het aloude Oisterwijkse volkslied: daar moeten wij het echt nog even over hebben. Sinds dat nummer werd geschreven, is mijn woonplaats flink uitgebreid. Het is toch een kleine moeite om te vragen of de inwoners van de veroverde gebieden het wellicht tijd vinden voor een volkslied in een modern blauw jasje.

 

Roland Smulders