brabantspronkjuweel

Moergestels boekverkoop verloopt stroperig maar krijgt veel waardering


Jos Denissen uit Moergestel laat weten hoe het met de verkoop van zijn boek gaat. Vanwege corona stroperig, maar wel met gewaardeerde reacties op zijn werk.

Burgemeester Hans Janssen reageerde eerder al zeer positief op het boek. ‘De verkoop loopt stroperig; mede debet hieraan is de corona. Bij mijn vorige boeken werkte de mond-op-mond reclame heel goed. Nu hebben de mensen veel minder contacten.’

In Kamp Vught, waar de bezoekers slechts mondjesmaat binnen mochten komen, was het ’t best verkochte boek. Helaas is het museum nu weer helemaal gesloten. Ook in Oisterwijk en Moergestel gingen en gaan er best wat boeken over de toonbank, maar toch minder dan gehoopt was. De verkoop werd extra gestimuleerd door een artikel, dat in Margriet nummer 46 pagina 7 verscheen. ‘Een redactrice heeft samen met mijn vrouw tot mijn verrassing een artikel over mijn boek gepubliceerd. Zij heeft zelf het boek aangeschaft en vertelde, dat haar man, die dyslectisch is, het boek meteen begon te lezen en het ondanks zijn handicap zeer prettig leesbaar vond.’ Het plaatsen van het artikel had tot gevolg dat nog steeds uit het hele land bestellingen binnenkomen van Kollum (bij Dokkum) tot Herten (bij Roermond) en zelfs uit België.

Harderwijk

Een mevrouw uit Harderwijk, geboren Oisterwijkse Hanneke van Diessen, reageerde met de mededeling, dat zij de in het voorwoord vernoemde soldaat Marinus op ’t Hoog uit Oisterwijk goed kende. Het was haar oom Riny, waarvan ze zelfs nog een foto had. Ze bracht Jos in contact met zijn oudste zoon Jan op ’t Hoog. Jan vertelde Jos het volgende over zijn vader; ”Mijn vader, die geboren is op 14 november 1919, vertelde ook weinig over de oorlog. Hij werd samen met jouw vader gevangen genomen en ergens in de buurt van de Poolse grens in een kamp opgesloten, waar veel nationaliteiten aanwezig waren o.a. Polen, Russen, Fransen, Roemenen, Belgen en natuurlijk Nederlanders. De behandeling in het kamp was ruw en ze kregen veel te weinig eten. Na zijn vrijlating werd hij later opgeroepen voor dwangarbeid; de Arbeitzeinsatz, wat hij niet deed. Hij en vader Wim zijn ondergedoken; Wim in Enschot, waar hij zijn latere vrouw leerde kennen. Rien dook onder in Kaatsheuvel waar hij zijn grote liefde Jo van Son leerde kennen.”

Een romantische anekdote onderschrijft die liefde; Rien en Jo waren in de buurt van een munitiedepot in de Drunense duinen, toen daar een bombardement plaats vond. Jo beloofde toen, dat als ze dit overleefden, heel haar spaargeld (dat waren duizenden guldens) in de offerblok van de kerk zou stoppen. Ondanks smeekbeden van Rien deed ze dat, wat voor Rien toch geen reden was om het uit te maken. In 1948 stierf zij samen met haar kind in het kraambed. Rien is hertrouwd en kreeg bij zijn tweede vrouw Fien van der Flugt 8 kinderen; 4 jongens en 4 meisjes. Ze woonden in de Gasthuisstraat te Oisterwijk en Rien werd stoker/portier bij de Koninklijke Leerfabriek. Zijn tweede vrouw overleed in 1983. Rien is nooit hertrouwd en overleed in juni 2002. De jongste dochter, Franca, woont nog steeds in het ouderlijk huis.

Jongste

De jongste, die een boek kocht, was 17 jaar. Zij wilde zo gauw het kon een keer naar Auschwitz. De oudste is 96 jaar en heeft als 17-jarige knaap als dwangarbeider voor de Duitsers moeten werken. Hij vertelde zijn verhaal over de oorlog en zijn rol als bode voor de dwangarbeiders in Duitsland.

Diverse mensen schaften het boek aan om als geschenk te geven aan hun kind of kleinkind. Een oudere man, vertelde, dat hij het boek al twee keer gelezen had. Een ruim 80-jarige opa vertelde, dat zijn kleinzoon van ongeveer 25 jaar, zo gauw hij binnen was, meteen in het boek begon te lezen. De jongeman was verbijsterd over wat mensen elkaar kunnen aandoen. Typisch is volgens Jos ook, dat zeker de helft van de boeken worden aangeschaft door vrouwen. Het bevestigt hem ook een beetje de mening, dat vrouwen in tijd van ellende (en dat was er in de kampen alleen maar) veel sterker en taaier waren dan mannen.

Corona

‘Joodse vrouwen zitten naakt te wachten op hun executie’ – een pagina uit het boek ‘Der Übermensch – Het beest van de Holocaust’ door Jos Denissen.

Verschillende mensen reageerden met de opmerking, dat heel dit coronagebeuren eigenlijk niets voorstelt als je het vergelijkt met de verschrikkingen, die niet alleen de Joden, maar talloze onschuldigen in de oorlog moesten ondergaan. Als je honger of dorst hebt of het koud hebt of een beetje ziek bent, leer je te relativeren, als je over de ellende van mensen uit de kampen leest. Jouw ‘leed’ stelt dan weinig voor. Een aantal ouders reageerde met de opmerking, dat het boek eigenlijk in elke middelbare school aanwezig zou moeten zijn. Helaas ligt het in geen enkele school. Het doel van de schrijver is en was, de mensen bewust te laten blijven van wat er toen gebeurde en aan te tonen dat het antisemitisme weer aan het toenemen is.

De kracht van het boek is, dat in een boek alles over de Jodenvervolging staat weergegeven en dat het geen geromantiseerd verhaal is. Het  is een waardevol geschenk, dat Jos aan eenieder wil aanbevelen.

Kijk op www.hetbeestvandeholocaust.nl voor alle informatie.