banner

Raadswerk: Een sprong in het diepe of eerst op zwemles?


Hoe belangrijk is het om als nieuw raadslid met ervaring de raadszaal binnen te stappen? Zitten er voordelen aan een onbevangen blik, of is het beter eerst te weten hoe de hazen lopen? We spraken zeven mensen in de lokale politiek, met zeven verschillende achtergronden en zeven verschillende ervaringen.

door Inge Dekker – PIT Onderzoek

Sommigen weten al hoe de hazen lopen, anderen komen net kijken. Hoe belangrijk is het dat er politieke ervaring opgedaan wordt, alvorens jezelf verkiesbaar te stellen? Doet een sprong in het diepe afbreuk aan kwaliteit, of zitten er vooral voordelen aan zo’n onbevangen blik? Zeven politici delen hun ervaring.

Eerst zwemles

Eric ten Brink, Jan van Ginneken en Vincent van den Dungen hebben allemaal zelf eerst ervaring opgedaan als commissielid. Zij adviseren om toch eerst een tijdje commissielid te worden. Zo kun je op de achtergrond meewerken, raadsleden ondersteunen en leren van het politieke proces. Eric was ongeveer 6 jaar commissielid: “Je leert hoe je je punt duidelijk maakt. Je neus stoten en merken dat je het niet goed doet is in een vrijblijvendere commissievergadering niet zo erg als in een raadsvergadering.” Na zijn tijd als commissielid is hij vier jaar raadslid geweest.

Jan van Ginneken was één jaar commissielid in Haaren waar hij leerde “hoe de hazen lopen en hoe beleid wordt gemaakt.” Volgens Jan zou je idealiter twee jaar commissielid zijn om dossierkennis op te doen, leren hoe je dingen voor elkaar krijgt en welke beperkingen er zijn. “Mensen mogen die keuze voor zichzelf maken, maar zonder ervaring is het een stuk moeilijker. Ik durf wel te stellen dat je de eerste twee jaar veel minder effectief bent. Effectiviteit is belangrijk om belangen om te zetten in beleid.” Op dit moment heeft hij er bijna 7 jaar op zitten als raadslid.

De raad zoals die begon aan hun taken in maart 2018 (Foto: Masja Vlaminckx).

Ondanks dat Vincent van den Dungen in 2018 vanuit plaats 9 met voorkeursstemmen verkozen werd tot raadslid, koos hij ervoor om eerst een periode commissielid te zijn. Dat vanwege tijdsgebrek en om ervaring op te doen. Hij zou dat anderen ook aanraden: “De waarde van het commissielidmaatschap wordt absoluut onderschat. Ik voelde me wel een beetje schuldig om het zomaar voorbij te laten gaan omdat mensen toch op mij stemde. Naast mijn zakelijke ervaringen volgde ik gedurende afgelopen 2,5 jaar ook politieke bijeenkomsten en cursussen. Ik vind gemeentepolitiek een ongelofelijk serieuze aangelegenheid. Soms lukt het kandidaten om met voorkeursstemmen gekozen te worden. De vraag is dan
wel: ben ik er klaar voor? Populariteit moet immers niet de enige drijfveer zijn en met sympathie win je de strijd niet. Jongeren in de gemeentepolitiek zijn echter zeer waardevol, bijvoorbeeld door als commissielid scherp te zijn en de partij te inspireren.” Nu voelt hij zich klaar om als raadslid aan de slag te gaan.

Alle drie erkennen ze de waarde van jonge en nieuwe mensen in de politiek. Eric ten Brink: “Er zaten veel oude bokken in de raad en iedereen vond dat hier verjonging in moest komen. Aan de ene kant moet je opletten dat je bepaalde kennis vast blijft houden. Een overdracht van een ervarene naar een nieuweling is belangrijk. Aan de andere kant, het voordeel van de jeugd is dat zij op een andere manier denken en handelen. Dat vind ik verfrissend. Maar dat moet je wel durven zien.”

Sprong in het diepe

Voor Marieke Moorman, Geertje Mink, Stefanie Vulders en Marion Das is het belangrijk dat iedereen zijn eigen weg bewandelt: “Als iemand geïnteresseerd is in de politiek, moet diegene gewoon aankloppen bij een partij waar hij/zij denkt zich thuis te voelen en ervoor gáán. Al doende leer je het meest,” aldus Marion. Ze was zo’n 25 jaar bestuurslid van een partij in Haaren waarna ze in de raad kwam: “Ik ben nu 2,5 jaar raadslid en ik leer nog steeds. Ik hoor van andere raadsleden dat je het na ongeveer vier jaar door begint te krijgen.”

Is ervaring van belang als je in de Oisterwijkse raad in debat gaat ? (Foto: PIT Onderzoek)

Geertje Mink was drie jaar bestuurslid van haar partij. De politiek beviel haar zo goed dat ze zich voor de verkiezingen in 2018 verkiesbaar stelde en raadslid werd. Voor Geertje was dit een bewuste sprong in het diepe: “Als je jong bent, wil je bij zaken betrokken worden. Als raadslid zit je vooraan. Hierdoor mag je meepraten en besluiten.” Door goed samen te werken met de fractievoorzitter heeft ze veel geleerd van hem. “Ik vindt het juist leuk om uitgedaagd te worden en hierdoor maak ik een mooie ontwikkeling door in de gehele politiek.”

Marieke had eigenlijk net als Jan, Vincent en Eric verwacht eerst commissielid te worden. Dat liep toch anders. Ze stond op plek 7 en werd door voorkeursstemmen tot raadslid verkozen. Ze besloot die verantwoordelijkheid te nemen en er vol in te springen: “Ik heb zelf het commissielid zijn niet zo gemist omdat ik niet zo verlegen ben. Het verschilt per persoon welke route bij je past. Bovendien, dat anderen ervaring hebben, betekent niet per definitie dat ze gelijk hebben. De mix tussen veel en minder ervaring vind ik juist erg waardevol. Het is prettig terug te kunnen vallen op ervaring van anderen, maar een helemaal nieuwe blik kan ook verhelderend zijn.”

Raadslid Stefanie Vulders werd zonder politieke ervaring met voorkeursstemmen verkozen. Ze gaf een korte reactie: “Iedereen moet ergens beginnen, of je nou raadslid wil zijn of balletdanseres.“

Persoonlijk adviseren alle zeven politici de weg te volgen die zij ook zelf gevolgd hebben. Voor de ene staat ervaring voorop; voor de ander niet per se. Voor het raadswerk als geheel is een goede balans tussen ervaring en een frisse blik van belang.

Reacties zijn welkom via info@pitonderzoek.nl