banner

Lezing over het Ree door IVN Oisterwijk


‘In de zomer van 1968 zag ik op de scheiding Fellenoord en Pestert mijn eerste ree. Geen flauw benul of het een bok of een geit was. Maar de confrontatie met dit sierlijke dier was onvergetelijk.Vanaf die tijd speelt het ree een belangrijke rol in mijn buitenleven. Nu, 50 jaar later, woon ik tussen de reeën. En gek genoeg op een steenworp afstand van de plek waar ik mijn eerste ree zag. Elke dag zie ik ze wel ergens in het bos of op de wei scharrelen. En elke dag leer ik bij over hun leefgewoonten. Het zijn fascinerende dieren, die zich op een geweldige manier aan de mens weten aan te passen. Maar de mens vormt tevens de grootste bedreiging,’ aldus Jan Meesters.

Een ree in de Oisterwijkse natuur.

Op 15 november neemt hij u mee in de wereld van het ree. Na deze avond zijn het geen hertjes meer en bent u zelfs in staat om een bok van een geit te onderscheiden.  Het ree in Midden Brabant komt die avond uitgebreid aan de orde. Het ree behoort tot de familie der hertachtigen (Cerviden) en is daarvan de oudste vertegenwoordiger. Samen met de runderachtigen (Boviden), zoals runderen, schapen en geiten, de giraffen en de kamelen behoren ze tot de herkauwers. Een kenmerk van de hertachtigen (Cerviden) is dat ze een gewei dragen, terwijl de runderachtigen (Boviden) horens hebben. Horens worden niet afgeworpen, maar groeien jaar op jaar aan. Geweien worden ieder jaar afgeworpen en opnieuw gevormd.

Reeën komen eigenlijk in alle landschapstypen voor; van het laagland tot in het middel- en hooggebergte. Oorspronkelijk leefden ze in gemengde loofhoutbossen, waarbij de eik en de beuk de belangrijkste voedselleveranciers waren. Het liefst leven ze in een parkachtig landschap met licht gevarieerde opstanden met veel ondergroei en bosranden. Bij stijgende dichtheden zien we reeën ook op plaatsen waar geen bos aanwezig is, zoals kale weilanden, akkerland en open cultuurlandschap. Deze zogenaamde veldreeën passen zich geheel aan de nieuwe biotoop aan. Ze gebruiken houtsingels, rietkragen en kleine bosjes, maar ook slootranden en greppels als dekking.

Jan ziet u graag op 15 november bij deze gratis lezing in Oisterwijk in de Voorhof, Kerkstraat 64, aanvang 20 uur.

 

Delen: