banner

Oorlogsherinneringen over Oisterwijkse onderduikers in Tilburg


‘Misschien is dit verhaal interessant voor oud werknemers van de VedeHa schoenfabriek,’ zo begint Jos Brands zijn verhaal. Met 91 jaar draagt hij zijn herinneringen aan de oorlog over:

Het was in het jaar 1942 dat de Duitse bezetters hun dominantie meer gingen laten voelen. Onze verkennersgroep (Stannislaus Costa op het Goirke in Tilburg) werd verboden, vaders van vriendjes werden op straat opgepikt en moesten in Zeeland gaan werken aan een verdedigingswal, wij moesten te voet naar het Odulfuslyseum. Dat was 45 minuten lopen, tussen de middag was er slappe thee voor de overblijvers. Met de fiets gaan was te gevaarlijk, die namen ze in beslag. Zo werd de druk langzaam aan opgevoerd.

Mijn vader en moeder hadden een drukke schoenenzaak. Op een goede dag in dat jaar stapte dhr. Leo van der Heyden met zijn vrouw bij ons binnen, met een grote gele ster op hun jas, daarin een grote ‘J’. Wij hadden een zakelijke relatie met de familie van der Heijden. Mijn vader verkocht veel schoenen van hun fabriek. Die schoenen waren gemaakt volgens het doornaai systeem omdat er toen nog geen lijm bestond. Ze vroegen aan mijn vader of ze een paar dagen konden blijven logeren.

Holle hak

De schoenenwinkel in Tilburg, waar de familie Van der Heijden werd opgevangen.

En zo geschiedde. Het huis werd wel vol, want ook drie studerende neven uit Utrecht waren bij ons ondergedoken. In de avonduren zaten we met z’n allen bij elkaar. Op een avond vertelde Leo dat hij op de vlucht was naar Spanje, met achterlating van zijn huis en zijn schoenfabriek. Die stond aan de Gemullenhoekweg in Oisterwijk. Bij die gelegenheid trok hij zijn schoen uit, schroefde de hak er af en er werd een holle ruimte zichtbaar, waar hij gouden tientjes verstopt had om alles mee te kunnen betalen.

Enkele dagen werden vier weken. Mijn vader werd bang met zoveel mensen in huis, en toen werd hij opgehaald door een jonge man. Het bleek Rob van Spaandonk te zijn. Rob heeft de familie Van der Heijden geholpen aan een onderduikadres. Deze Rob is in 1943 samen met twee vrienden in de Rovertse bossen bij Chaam door de Duitsers gefusilleerd, vanwege zijn ondergrondse activiteiten. Voor hem is op die plaats een eenvoudig gedenkteken geplaatst.

26 Oktober
Tilburg werd op 26 oktober 1944 bevrijdt. Het duurde lang ten opzichte van bijvoorbeeld Eindhoven, omdat verse Duitse troepen werden aangevoerd en de toegangswegen werden geblokkeerd, onder andere door opgeblazen kanaalbruggen.

Wat gebeurde die dag? In de middag stonden daar plotseling Leo van der Heyden en zijn vrouw, op de stoep. Zij al maanden in blijde verwachting van een uit liefde, en met vertrouwen in de toekomst verwekt kind. Al die jaren hadden ze op een klein kamertje in de wijk Broekhoven in Tilburg gewoond, bij lieve eenvoudige mensen, die met gevaar voor eigen leven voor hun zorgden. Voor altijd vrienden. Het kind was een zoon. Opgegroeid bij sterke ouders is hij later burgermeester van Zandvoort geworden.

Herinneringen die altijd blijven..

Jos Brands

Note: VedeHa, schoenfabriek Van der Heijden, was gevestigd aan de Gemullehoekenweg, de plek waar nu het chique appartementencomplex Groenenborgh staat. In oorlogstijd was het in Joodse handen. De Duitsers namen het bedrijf over. Er kwam een ‘Verwalter’ die namens de Duitsers het roer overnam. (Bron: Ad van den Oord). 
Delen: