Gisterenmiddag werd op het Raadhuis in Oisterwijk een oude traditie in ere hersteld. De gemeentebode Peter van Esch, tevens voorzitter van de bodekring Noord-Brabant, heeft uit handen van burgemeester Hans Janssen een zogenaamde ‘bodebus’ ontvangen. Een bodebus was vroeger een onderscheidingsteken dat werd gedragen door boden die in dienst waren van overheden als de kamers van de Staten Generaal, provincies, gemeenten en waterschappen.

De geschiedenis van de bodebus gaat terug tot de middeleeuwen. Boden, die berichten moesten overbrengen, droegen deze geschreven en met de zegel van de opdrachtgever voorziene stukken in een bus aan de gordel. Later werd aan deze bodebus een schildje toegevoegd met het wapen van de instantie die de bode vertegenwoordigde. Vanaf die tijd werd de uitvoering steeds kostbaarder en hielden de zilversmeden zich bezig met het ontwerpen van nieuwe bodebussen. De bodebus veranderde zo in de loop van de tijd van een echte bus tot een (vaak rijkversierde) draaginsigne waaraan de bode herkenbaar was.

Peter zal het versiersel dragen bij de komende vieringen van Oisterwijk 800 waaronder de bijzondere raadsvergadering en de ontvangst van de Hertog op 25 februari 2012 maar ook als trotse bode die, zoals hij dat zelf verwoorde: ’samen met mijn collega’s Oisterwijk een warm hart toedraagt.’

  

Foto: Peter van Esch ontvangt de ‘bodebus’, vormgegeven door kunstenaar Kees Ketelaars, na uitleg en uit handen van burgemeester Hans Janssen. (foto Joris van der Pijll)