Deze columns worden goed gelezen. Gelukkig! Ik merk dat aan de reacties die per brief of mail binnenkomen. En soms springt een reactie eruit. Een journalist reageert op mijn stellingname over het wantrouwen tegenover de politiek. Vrij vertaald zegt hij: “Jullie maken het ernaar, want bijna alles wat de gemeente publiceert is positief en ronkt van het optimisme. Terwijl mensen vooral balen van het falen van de overheid op allerlei fronten. Dat projecteren ze op dé politiek.”

Tja, daar zit wat in. De gemeente is vaak positief. Op het gemeentehuis werken enthousiaste mensen aan nieuwe zaken. Dat enthousiasme klinkt door in de teksten. Over lopende zaken wordt veel minder gecommuniceerd. Wat loopt, spreekt vanzelf en hoeft niet steeds aparte aandacht te krijgen. En bij herstelwerkzaamheden voor zaken die fout zijn gegaan, richt alle aandacht zich op het herstel. Want onze medewerkers en ook wijzelf maken niet graag fouten. Wanneer het fouten zijn die belanghebbenden direct raken, maken we uiteraard een persoonlijk excuus.

We maken dus fouten. Zoals ieder mens en iedere organisatie. Dat doen we bovendien in een glazen huis. De overheid hoort voor iedereen zo zichtbaar en helder mogelijk te werken. Dat betekent dat overheidsfouten sneller de pers halen dan een fout in een gemiddeld bedrijf. Onze website staat wekelijks vol met alle besluiten die we nemen, vergunningen die we verlenen of weigeren, plannen die we voor commentaar de wereld insturen. We zijn maximaal transparant. Dat maakt ook kwetsbaar. Zeker ook omdat de politiek dagelijks over de schouder meekijkt – vaker dan de gemiddelde aandeelhoudersvergadering van een bedrijf. Fouten komen dan onder een vergrootglas. En dat verklaart voor een groot deel de drang om extra positief te zijn over onze ambities en plannen.

Geachte journalist, u heeft dus een punt.

Uw gelijk kan ik slechts van een toelichting voorzien, maar ik heb er weinig tegenin te brengen. Dat spijt mij. Onze schuld en boete zullen we nadrukkelijker moeten toegeven en communiceren. Laten we dat doen. En een beetje hopen we erop dat u dan ook blijft stilstaan bij het vele dat goed gaat in onze gemeente en gemeenschap.

Wij voorzien het beeld van Oisterwijk liever van stroop dan van azijn, zoals u zult begrijpen.

Hans Janssen,

Burgemeester